meer informatie



Fotos en gegevens van de contoleurs
Zoeklicht in oud-west van dag op dag

Artikelen over zoeklicht

Klachten
Adressen

Big Brother komt langs


In sommige Amsterdamse wijken wordt meer dan vijftien procent van de adressen bewoond door clandestiene huurders. Soms gaat het om illegalen, soms om nieuwkomers die onderhuren van mensen die uitkeringsfraude plegen. In het 'zoeklichtproject' proberen ambtelijke diensten en woningcorporaties meer zicht te krijgen op dit fenomeen. Een rondleiding achter de deuren van anonieme portieken.

DE NEGENJARIGE, Kim kijkt vanaf zijn opengeklapte bedbank verdwaasd naar de rechercheur van de sociale dienst en de functionaris van de woningbouwvereniging. De kamers op de etage zijn nagenoeg leeg, op wat stoelen en rondslingerende kleding en schoenen na. Het behang is oud en vergeeld, op de vloer ligt uitsluitend vloervilt. Een tl-balk is de enige verlichtingsbron. De controleurs zijn onverwachts bij hem binnengevallen met de vraag wie er op de etage woont en of hij zo vriendelijk wil zijn zich te legitimeren. Een paspoort heeft hij niet bij zich en Kim geeft toe dat hij niet op dit adres staat ingeschreven.De woning is van zijn tante, verklaart Kim, en hij hangt er af en toe wat rond. Ze is er niet zo vaak, dus hij kan eigenlijk doen wat hij wil, glimlacht hij. Waarom de woning niet is ingericht? "Dat kost geld, mevrouw, en dat heeft mijn tante niet." uur betaalt hij niet, en voor een eigen woning komt hij niet in aanmerking omdat de woningbouwvereniging een salarisstrook wil zien en die heeft hij niet omdat hij geen werk heeft. Werk hád hij wel - als chauffeur maar zijn rijbewijs is ngetrokken nadat hij met een forse slok op achter het stuur was gaan zitten. De rechercheur en de functionaris horen zijn verhaal aan, maken aantekeningen in het dossier en vertrekken weer. "Die tante woont hier niet, dat was zichtbaar aan de kleren op de grond," oordelen ze later op straat. Het dossier met de antekeningen zal naar de woningbouwvereniging worden gestuurd voor nadere afhandeling. Een straat verder in de Indische Buurt doet na lang aandringen een Engelstalige man open. Op de bovenste etage, alle ramen stevig geblindeerd, staan twee grote tweepersoonsbedden en een kinderledikant. Familiekiekjes aan de muur tonen een gezin, maar de man die zegt er te wonen, staat daar niet tussen. Hij legitimeert zich als Indiër met de Australische nationaliteit. Drie jaar woont hij op de woning van zijn broer, die inmiddels een koopwoning heeft in Diemen en de eigenaar van deze woning is. Zelf betaalt hij geen huur. "Mijn broer heeft een hotel in de binnenstad en daar werk ik. De huur wordt verrekend met mijn salaris." Hij woont hier met zijn vrouw en kind die Momenteel op vakantie zijn in Londen, verzekert hij de rechercheur. Maar dan gaat de keukendeur open en loopt een landgenoot binnen die blijkbaar gewend is aan onverwacht bezoek. Hij gaat uitgebreid zijn tanden poetsenin de keuken."Een neef uit Denemarken," legt de man uit. Een tijdelijke gast. Waar hij Slaapt? Boven, op zolder. De andere zolderkamers worden verhuurd.door de onderbuurman, haast hij zich te zeggen. Een blik op de zolderkamer en de rondslingerende matrassen maakt duidelijk dat daar helemaal niemand mag wonen, al was het maar vanwege de brandgevaarlijke houten schotten. Zes huisbezoeken leggen de rechercheur en de functionaris van de woningbouwvereniging De Dageraad die dag af. Na een middag en avond werken lijkt slechts op één adres alles in orde: een etage waar een Turks echtpaar met een inwonende vader woont. De vader, duidelijk de pater familias, is de eerste die zijn verbazing uitspreekt over het onverwachte bezoek, de intieme vragen en het verzoek paspoorten te laten zien. Waarom er geen afspraak kan worden gemaakt, zodat hij zijn bezoek naar behoren kan ontvangen, wil hij weten. En waar al die vragen voor dienen. Pas na uitgebreide uitleg en excuses voor het ongemak is ook hij bereid zich aan het verhoor te onderwerpen. Clandestien gebruik van distributiewoningen komt veelvuldig voor, zo heeft eerder onderzoek uitgewezen. Volgens schattingen zijn in Amsterdam meer dan twintigduizend woningen, acht procent van het totale woningbestand, clandestienin gebruik. Om tenontechte huursubsidie of uitkeringen in de wacht te slepen, als opslagplaats voor criminelen of als geldbron van huisbazen die etages ombouwen tot illegale pensions. Twee jaar geleden raakte zelfs een VVD-deelraadslid in opspraak toen bleek dat hij tientallen woningen liet verhuren door illegale huizenbemiddelaars. De woningen werden verhuurd aan illegale migranten en studenten, voor woekerprijzen van tussen de 850 en 1500 gulden per maand. Uit de gerichte huisbezoeken die nu worden afgelegd in het kader van het zogenoemde 'zoeklichtproject', blijkt dat in een aantal Amsterdamse wijken clandestiene bewoning zelfs boven de vijftien procent ligt. Dat is althans de ervaring in stadsdeel Westerpark waar inmiddels een onderzoek naar clandestiene bewoning is afgerond. Het zoeklichtproject wordt uitgevoerd door stadsdeelambtenaren, de Stedelijke Woningdienst, rechercheurs van de sociale dienst, het Bevolkingsregister en een aantal woningbouwcorporaties. Voor het project zijn Wijken uitgekozen waar op voorhand al het vermoeden bestaat dat clandestiene bewoning veelvuldig voorkomt. Zo werden in Westerpark 586 etages geselecteerd. Vooraf bestond voor meer dan honderd adressen daarvan het vermoeden dat er iets mee aan de hand was. Adressen bijvoorbeeld waarvoor de sociale dienst meer uitkeringen verstrekt dan er kamers zijn, of adressen waarvoor de huur 'niet wordt, overgemaakt door de hoofdbewoner. In de Fannius Scholtenbuurt in Westerpark werd bij vijftien procent van de bezochte adressen inderdaad clandestiene bewoning, zogenoemde 'uitkeringsadressen' of een combinatie daarvan aangetroffen. In één geval troffen de controleurs zelfs een distributiewoning aan die dienst deed als hennepkwekerij. De betrokken controleurs verbazen zich na talloze huisbezoeken over het gemak waarmee hun optreden wordt geaccepteerd. De overheid als Big Brother wordt door de meesten toch niet zo geschuwd als vaak verondersteld wordt. "Iedereen is bereidwillig, naar onze legitimaties wordt nauwelijks gekeken," zegt de functionaris van de woningbouwvereniging. "Die bereidheid geldt ook de mensen die weten dat ze in de fout zijn. Sommige overtreders gebruiken het juist als uitlaatklep voor hun woonellende. Maar wat kunnen mensen liegen! Je krijgt een heel verhaal te horen en als je dat vervolgens natrekt, blijft daar niets van over. Onze huisbezoeken werken trouwens ook preventief. Sommige mensen voelen zich daardoor betrapt en proberen vervolgens hun zaken in het reine te trekken of zeggen hun huurcontract op om erger te voorkomen."

Ergens in de Atjeh-buurt worden de controleurs aangeschoten door een jonge buurtbewoner: "jullie zijn.op zoek naar mij, hoorde ik van de buren. Dat hoeft niet meer. Ik ben over tien minuten thuis." Op zijn etage, tweehoog, maakt de 24-jarige Aad zelf duidelijk dat hij fout zit. Eerst stelt hij zijn huisgenoot voor, een meisje van zijn leeftijd. "Maar zij woont hier niet, hoor. Ze is hier tijdelijk omdat ze mot heeft met haar eigen moeder, ze zit hier even om af te koelen." Zijn eigen moeder, de officiële bewoonster, ziet hij zelden. "Alcoholiste," zegt hij berustend. "Als ze al binnenkomt, is ze zwaar in de lorem. Maar ik ben hier op dit adres geboren en getogen." Zelf zit Aad, die bereidwillig zijn paspoort toont, nog op school, via het arbeidsbureau met een speciale uitkering van ruim 1100 gulden. "Ik betaal hier alles: huur, gas, licht. Dat kan ik niet aan mijn moeder overlaten. Ze slaapt hier soms. Ik slaap altijd op de bank, want de tweede slaapkamer is zo klein dat er niet eens een bed in past." De rechercheur van de sociale dienst ziet wel een oplossing: laat je naam ook in het huurcontract zetten, dan kom je vanzelf in aanmerking voor de woning. Niets daarvan verbetert de medewerker van de woningbouwvereniging. "Huurcontracten mogen niet worden overgedragen van ouders op kinderen. Hij heeft een eigen urgentiebewijs en moet zelf een woning zien te vinden." De rechercheur loopt door de woning. In de slaapkamer blijkt snel dat het bed nooit door moeder gebruikt wordt. Zowel de kleerkasten als broeken en truien op het bed maken duidelijk dat de kamer bijna zeker permanent door de zoon wordt gebruikt. Hoort er een zolder bij de etage, wil de controleur weten. "Nee, dat kan niet. Die is bijna permanent in gebruik bij junks van hiernaast," antwoordt de jongen. "Daar zouden jullie eens moeten kijken. Daar hokken tientallen bewoners bij elkaar. Dat is gewoon een illegaal pension. Daar zit van alles en nog wat, het merendeel buitenlanders in kleine omgebouwde kamertjes. Die junks laten sporen na,.maar ik heb er geen last van zolang ze hier maar niet binnenkomen." Elders in de Atjeh-buurt treffen de controleurs een vermoedelijk zwaarder geval van clandestiene bewoning aan. Mogelijk zelfs vrouwenhandel, denkt de rechercheur van de sociale dienst. Als dekmantel dient een kleine showroom met afgedankte spullen in de etalage. Achter een oude boekenkast gaat een deur schuil die toegang geeft tot de bedrijfswoning ernaast. De gordijnen van die woning zijn permanent gesloten. Eerst opent een jong Surinaams meisje de deur, maar ze deinst verschrikt terug als ze de legitimatiepapieren ziet. Daarna meldt zich een breedgeschouderde landgenoot die weigert zich te identificeren en ook niet kan aangeven of hij officieel op het adres staat ingeschreven. Bij een volgend bezoek constateren de ambtenaren dat de Surinaamse meisjes worden rondgereden in een dure BMW. Verblijfspapieren hebben ze niet, die moeten nog geregeld worden. En nee, ze wonen niet op dit adres. Ze logeren hier in afwachting van geldige papieren en eigen woningen. In de projectgroep wordt besloten deze woning extra aandacht te geven. In een andere woning bivakkeren drie buitenlandse jongeren. Maar ze wonen er niet, ze logeren slechts, luidt opnieuw de verklaring - en, de hoofdbewoner is net even weg. Van een buurtbewoner horen de ambtenaren dat de hoofdbewoner er zelden is en zijn woning als slaapruimte verhuurt aan rozenverkopers uit de binnenstad. De kamers in de woning zijn volgens die bron afgezet met schotten, kleine hokken met een matras er in. Als de ambtenaren een week later terugkomen, worden ze keurig ontvangen door de hoofdbewoner. De woonkamer is netjes ingericht en niets wijst op illegale verhuur aan rozenverkopers. Maar bij een rondgang door het huis zijn de restanten van clandestiene bewoning op de grond nog zichtbaar. Houten spijlen verraden de plaats waar eerder mogelijk de wandjes hebben gestaan. De 58-jarige Antilliaan die net de deur van zijn benedenetage wil dichttrekken, loopt tegen de controleurs op als hij naar buiten wil. Maar tegen een bezoek en beantwoording van een vragenlijst heeft, hij geen bezwaar. Ricardo woont in het voorste deel van een bedrijfswoning, een kamertje waar temauwernood een bed en bureau in passen. De hoofdbewoonster moet er doorheen als ze naar haar eigen kamers wil, want de voordeur bevindt zich in deze ruimte. Voor die kamer zonder privacy betaalt hij 250 gulden per maand. Meer dan de helft van de totale huur, merkt de functionaris van de woningbouwvereniging achteraf gelaten op. Zij betwijfelt of de hoofdhuurder een bedrijfswoning wel mag onderverhuren. Op het dossier komt een aantekening voor verdere afhandeling.

Verderop in de Indische Buurt het team een tweekamerwoning op de begane grond. De man die opendoet, heeft overduidelijk een slok op. Hij woont er inmiddels een jaartje, zegt hij zelf, en staat ook ingeschreven bij, het Bevolkingsregister op dit adres. "Heeft u een urgentieverklaring," vraagt de controleur. Ja, is het antwoord, maar die is hij allang kwijt. Wordt er huur betaald aan de hoofdhuurder? "Het is mijn neef, ik stop hem wel eens wat toe," is het antwoord. Eerder had hij een eigen woning, maar ja... scheiding, alimentatie en natuurlijk die huur van zevenhonderd. gulden exclusief Dat was niet meer op te brengen. Hij had een poosje onderdak bij Hulp voor Onbehuisden. Daar komt zijn post ook nog steeds. Maar van het aanbod van zijn neef hier te wonen, maakt hij graag gebruik. Of het niet wat krap is op een tweekamerwoning? "Het is wat inpassen, wat schuiven, maar het gaat wel," luidt het antwoord. Hij toont bereidwillig zijn paspoort. Of de neef dan misschien thuis is? Hij kan elk moment komen, hij kan hoogstens een uurtje weg zijn, luidt het antwoord. Een antwoord dat hij bij herhalingsbezoeken blijft geven. De neef kan telkens elk moment thuiskomen, maar wordt nooit door het controleteam aangetroffen.

"Alle huisbezoeken vinden plaats op basis van vrijwilligheid," benadrukt J. Gasseling die namens de Stedelijke Woningdienst verantwoordelijk is voor dit project. "In eerste instantie wordt ook geen gebruik gemaakt van de officiëlë controlebevoegdheid, dat gebeurt desnoods in een vervolgtraject." Voor de sociale dienst zijn de huis-aan-huisbezoeken bovendien een beter instrument dan het natrekken van anonieme tips, zegt M. Hagen, unit-chef van de sociale recherche. "Het is van belang dat deze methode verder van de grond komt, want individuele tips zijn sinds de invoering van de verhaalplicht steeds minder betrouwbaar. Nu wordt er maar wat geroepen om de voormalige partner in diskrediet te brengen en onder de betaalplicht uit te komen. "Om te voorkomen dat er onderzoek wordt ingesteld naar volstrekt onschuldige mensen moet de systematiek worden verfijnd." "Bovendien," benadrukt Hagen, "optreden tegen uitkeringsfraude en clandestiene bewoning gaat ook de verloedering tegen. Een illegaal pension in een distributiewoning levert vaak overlast op. En door die huisbezoeken kom je ook verwaarloosde huishoudens tegen die de weg naar de instanties niet weten te vinden. Daar maken we dan even melding van." Zijn collega-rechercheur beaamt dat. "We waren op bezoek bij een buitenlands gezin dat al 24 jaar in Nederland woont. De man is al geruime tijd geleden ontslagen, maar met zijn uitkering was van alles mis. Dan blijkt vervolgens dat de studiefinanciering waar de dochter recht op heeft ook is stukgelopen. Dat had allemaal te maken met taalproblemen, maar tegelijkertijd waren ze ook te trots om hulp te vragen. Dan blijkt vervolgens dat het Grondbedrijf de woning heeft opgekocht om te slopen en er dus helemaal niets aan 'onderhoud was gedaan. De schimmel zat op de muren. Dat melden we dan bij het maatschappelijk werk en de sociale dienst met de mededeling dat er acuut iets moet gebeuren. Ik ben dat gezin later tegengekomen. Die meldingen hadden effect gehad, vertelden ze opgetogen." Hagen heeft wel een antwoord op de vraag waarom clandestiene bewoning zo'n hoge vlucht heeft genomen: "De politiek neemt besluiten en leunt daarna achterover. Maar het traject daarna, de handhaving, is altijd het ondergeschoven kindje geweest. Daar wordt niet meer naar gekeken. Een voorbeeld? De sociale dienst kan wel uit de voeten met opgespoorde fraudegevallen. Die worden desnoods strafrechtelijk vervolgd. Als iemand zijn woning vanwege zijn uitkering clandestien onderverhuurt terwijl hij elders samenwoont, kunnen we zelfs de partner aanpakken, ook als die geen uitkering heeft. Die vervolgen we dan vanwege heling. Want beiden genieten voordeel van het feit dat de maatschappij bestolen wordt. Maar het sanctiebeleid bij de huisvestingsregels stelt nauwelijks iets voor. In het ergste geval volgt een boete van een paar honderd gulden." De deur van de keurige nieuwbouwflat in de Indische Buurt wordt geopend door een mondige, jonge vrouw. Zij onderwerpt de identiteitspapieren van de controleurs aan een kritische blik en herkent die papieren omdat ze zelf ambtenaar is. Voor de woning heeft ze geen woonvergunning. Zij is pas naar Amsterdam verhuisd en mocht tijdelijk intrekken bij een neef van haar vader. De woning toont leeg, maar tot een echte inspectie komt het niet omdat ze de controleurs niet binnenlaat. Een paspoort laten zien is geen probleem, maar verder blijft de vrouw gereserveerd. Ze zegt maar kort op dit adres te blijven wonen, want ze is van plan een huis te gaan kopen. Weer buiten is de controleur van de sociale dienst argwanend. Hier klopt iets niet. Ik denk helemaal niet dat ze tijdelijk bij familie van haar vader woont, maar dat ze gewoon onderhuurt. Dat die oom gewoon ergens: anders samenwoont."

In verband met de privacy zijn de namen veranderd.

Jos Verlaan, Parool
Terug naar boven
andere artikelen